Boekpresentatie We moeten eens koffie drinken Eindhoven

We moeten eens koffie drinken

Posted on Posted in Creatieve Industrie, Netwerken

Koffie drinken, als barista iets waar ik gelukkig van word. Naast dat het zorgt voor de nodige energie en – goede – koffie voor de heerlijke smaak, heeft het ook een sociale functie. Gezelligheid, maar ook op zakelijk gebied. Koen van Vliet en Jozien Wijkhuijs hebben koffie als verbindend uitgangspunt genomen in hun recent verschenen boek We moeten eens koffie drinken.

We moeten eens koffie drinken is een boek over ondernemerschap, beleid en innovatie in de creatieve industrie. Aan de hand van twintig interviews, waarvan vijftien met ondernemers binnen de sector en vijf met wetenschappers en beleidsmakers, zijn Koen en Jozien op zoek gegaan naar de visies op en interpretaties van de creatieve industrie.

Boekpresentatie

Afgelopen donderdag vond – tijdens de Dutch Design Week in Eindhoven – de boekpresentatie plaats. Ik ken Koen nog van mijn stage bij het Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur. Op het moment dat ik daar ging stage lopen, was hij bezig met de afronding van zijn masterscriptie over crowdfunding.

De boekpresentatie viel samen met een optreden van Charlie Cunningham in het kader van DDW Music in het Van Abbemuseum, waardoor ik wat later aanwezig was. Toen ik binnenkwam was het inhoudelijke programma al begonnen en wat een opkomst! Alle stoelen bezet en ook nog een grote groep mensen die achterin, boven en op de trap een plekje hadden gevonden.

Opvallende uitspraken

De presentaties kwamen van een aantal geïnterviewden uit het boek. Er zijn me een aantal uitspraken bijgebleven. De eerste van Yuri Landman, een bouwer van experimentele muziekinstrumenten. Een veelvoorkomende ontwikkeling bij ondernemers binnen de creatieve industrie is het combineren van werk. Enerzijds projecten die geld in het laatje brengen en anderzijds projecten vanuit eigen creativiteit. Zijn antwoord op de vraag hoe hij deze balans ziet was ‘als ik geen werk heb, doe ik leuke dingen’. Wat mij betreft is deze ontwikkeling kenmerkend voor de creatieve industrie. Vervolgens kwam Brendan Jan Walsh, oprichter van Brending, aan het woord. Hij startte met de vraag wat de definitie van een artiest eigenlijk is. Zijn definitie is kort en bondig, professionele kinderen. Artiesten zijn onderzoekend en vragen zich continu af waarom? waarom? waarom?, net als kinderen. En afsluitend Martijn Stevens, onderzoeker en verbonden aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. De creatieve industrie is uitgeroepen tot een topsector, maar – ik heb er ook al een artikel aan gewijd – wat houdt die creatieve industrie in? En wie heeft dat bepaald? Als onderzoeker beschrijft hij zijn bevindingen door middel van taal. De werkelijkheid van de creatieve industrie is gecreëerd door middel van taal. Interessant hierbij is de vraag wie deze werkelijkheid ‘mag’ creëren. Wanneer wordt een definitie als waar aangenomen? Als voorbeeld gaf hij de rol van een ambtenaar bij het sluiten van een huwelijk en de rol van een rechter bij een vonnis.

Koen en Jozien schreven er al eerder een artikel over op Mestmag.nl. De conclusie naar aanleiding van alle interviews is dat de creatieve industrie niet bestaat, maar er wel is. Iedereen heeft een eigen definitie van de creatieve industrie met een aantal overeenkomstige kenmerken.

Het boek We moeten eens koffie drinken is onder andere te koop via bol.com.